Menig keer van de geharde paden af

Een op de grond gevallen andreaskruis en een seinwachtershuis met kapotte ramen. Hier reed geen trein meer, daar was ik al snel achter (foto: Richard Helwig).

Afgelegen plekken waar de tijd is stil blijven staan. Die zijn vergeten. Waar niemand zich meer om bekommert. Ik ga er soms naar op zoek, maar kom ze meestal bij toeval tegen. Om op de foto vast te leggen en later het bijbehorende stukje geschiedenis ervan te achterhalen.

Urbex? Ja, zo kun je het eigenlijk wel noemen. Het staat voor ‘urban exploring’, het fotograferen van infrastructuur welke is gemaakt door de mens, denk bijvoorbeeld aan oude, verlaten gebouwen, waterkrachtcentrales en kolenmijnen. Maar het kan net zo goed op het platteland zijn. Zoals spoorwegovergangen die niet meer in gebruik zijn. Treinen op hun laatste rustplaats zoals ik ze graag tegenkom in België. Het is geen eenvoudige vorm van fotograferen, niet zonder gevaren en de plekken zijn lastig te vinden. Ik ben niet iemand die klakkeloos over hekken klimt, regels schendt en kost wat het kost die ene foto moet hebben. Mijn intentie is altijd om van tevoren de nodige toestemming te regelen, maar soms zorgt het toeval voor die ene geschikte opname waar ik nooit op had durven hopen.

In het voorjaar van 2016 was ik in Polen om daar een artikel te maken over de concentratiekampen Auschwitz en Birkenau. Onderweg ben ik menig keer van de route ernaartoe afgeweken. Van de geharde paden af, zeg maar. Totdat ik bij een onbeveiligde spoorwegovergang kwam die er verlaten uitzag. Een op de grond gevallen andreaskruis en een seinwachtershuis met kapotte ramen. Hier reed geen trein meer, daar was ik al snel achter. Het toeval was me hier dus gunstig gezind. Een voorwaarde bij het maken van dit soort foto’s is dat de betreffende plek er nog onontdekt uit moet zien. Ik krijg vaak genoeg plekken onder ogen die zijn volgespoten met graffiti en waar het nodige vandalisme heeft plaatsgevonden. Die schuif ik altijd terzijde.