Wereldkerstcircus: ieder jaar een feestje met de camera

Op de rode loper, Henk van der Meijden, hier geflankeerd door zijn vrouw Monica Strotmann (links) en dochter Elisa van der Meijden (foto: Richard Helwig).

Het maken van foto’s op een rode loper vereist een professionele inzet. Poseren van de hoofdpersonen duurt maar kort en dus is er geen tijd voor enige technische tegenslag. Het Wereldkerstcircus, en dan vooral de première, is ieder jaar weer een feestje met de fotocamera.

Ondanks dat het onmogelijk is om bij dit soort opnamen creatief vooruit te denken, moet ik het doen met de situatie ter plaatse. Hoe is de locatie? Hoe druk is het? Vanuit technisch oogpunt hou ik bijvoorbeeld rekening met flitslicht, wat altijd nodig is. En dan het liefst indirect. En natuurlijk is het belangrijk dat mensen in de camera kijken, wat niet altijd even goed lukt. Rondom een rode loper kan het soms behoorlijk chaotisch zijn.

Zeg je circus, dan zeg je Koninklijk Theater Carré. Het jaarlijks terugkerend Wereldkerstcircus levert wereldkwaliteit. De producenten Henk van der Meijden, Monica Strotmann en Kees van Liempt omschrijven het vanuit hun Stardust Circus International en Interpresario als ‘May all your days be Circus days’. Henk van der Meijden is enthousiast als hij praat over ‘zijn’ circus: ‘We hebben in 1971 Ahoy geopend met het Russisch Staatscircus. In 1973 en 1979 gebeurde dat in Carré. Toen dacht ik, samen met mijn partner Wout van Liempt, er is twaalf jaar geen traditie geweest van kerstcircus in Carré, laten we het proberen. Het leveren van hoge kwaliteit heeft ons geholpen. En het werd een succes.’

Waar die kwaliteit precies uit blijkt? Hij spreekt over het beste circusprogramma van Europa. ‘Ons Wereldkerstcircus is eigenlijk veel meer dan een circus. Het is een groot circusfestival, waarin we winnaars brengen van alle circusfestivals uit de hele wereld. Het geeft een enorme vreugde om al die kwaliteit bij elkaar te krijgen. We moeten met een goed circusprogramma niet alleen het hoge verwachtingspatroon van het publiek vervullen, maar dat elk jaar zien te overtreffen.’