Achter de montage bij de tv-series van Bassie en Adriaan

Aad van Toor: ‘Als je de lassen zou tellen uit één televisieaflevering, dan krijg je pas een indruk van het vele werk.’ Het is 1995 als ik deze foto neem (foto: Richard Helwig).

In de jaren zeventig, tachtig en negentig zijn Bassie en Adriaan met hun avonturen onafgebroken op de beeldbuis te zien. En nog steeds zijn deze tv-series mateloos populair. Maar hoe werden ze gemaakt en gemonteerd? Ik verdiepte mij in de boeiende materie.

Ik sprak de broers enkele keren uitgebreid toen ze zelf nog volop produceerden. Zo was ik in het jaar 1995 bij Aad van Toor thuis op zolder, om hem voor het tijdschrift Video Uit & Thuis te interviewen over de montage van hun tv-series. En vijfentwintig jaar later sprak ik hem opnieuw. Ik blikte met hem terug. Bas en Aad van Toor runnen een miljoenenbedrijf. Het zijn harde werkers. Ze zijn hun eigen producent en management. Die persoonlijkheid is te merken in kleine dingen. Want als ik in 1994 voor het tijdschrift Dieren- & Mensenmanieren (van Martin Gaus) een artikel over hun heb gemaakt, ontvang ik per kerende post een handgeschreven bedankkaartje van Bas. Het begint met De Plaaggeest (uitgezonden in 1978). De tv-series die daarna volgen zijn allemaal even succesvol. Ze weten hoe ze hun verhalen moeten vertellen en hoe daarbij alles het beste in beeld kan worden gebracht.

Maar het opnemen ervan kost ze veel energie. Bas: ‘Het budget was krap. We hebben alle tv-series uit onze eigen zak betaald. Dus moest je, zoals wij altijd zeggen, doorrammelen. Anders kom je in tijdnood en in financiële problemen.’ Met zijn vrouw Ina maakt Aad verre reizen om de tv-series goed voor te bereiden. Thuis regelde Bas ondertussen de zakelijke deals en de logistiek van het bedrijf. ‘Als we in het buitenland opnamen maakten, dan leek het voor een buitenstaander vakantie’, vertelt Aad. Maar dat was het geenszins. Iedere dag hadden we van tevoren zoveel mogelijk uitgestippeld om de productie compleet te kunnen maken. Als je de lassen zou tellen uit één televisieaflevering, dan krijg je pas een indruk van het vele werk.’ Binnenkort verschijnt het eerste deel mijn nieuwe artikel over dit duo in het tijdschrift Digital Movie.